De katalysator behandelt schadelijke bestanddelen in het uitlaatgas. Lambdasondes meten zuurstof in de uitlaat, zodat de ECU het mengsel kan regelen en kan controleren of de nabehandeling werkt.
De sonde vóór de katalysator
De voorste sonde is een belangrijke ingang voor de mengselregeling. De ECU vergelijkt het signaal met de gewenste lucht-brandstofverhouding en past correcties toe. Een fout signaal kan verbruik, rijgedrag en uitstoot beïnvloeden.
De sonde na de katalysator
De achterste sonde bewaakt vooral de werking van de katalysator. Bij een gezonde katalysator hoort het signaal niet simpelweg het gedrag van de voorste sonde te kopiëren.
Eerst de oorzaak vinden
Een efficiëntiefout kan komen door een versleten katalysator, maar ook door ontstekingsmissers, olieverbruik, uitlaatlekken, mengselproblemen of een defecte sensor. Een melding verbergen herstelt de oorzaak niet. Prestatiekalibratie hoort pas plaats te vinden wanneer de verbranding stabiel is.
In het Swaptune-proces lost de partner bestaande lambda- of katalysatorstoringen op voordat ons team een prestatiekalibratie maakt.
FAQ
Meet een lambdasonde rechtstreeks de brandstof?
Nee. Hij meet zuurstof in het uitlaatgas; daaruit leidt de regeling het mengselgedrag af.
Kunnen ontstekingsmissers de katalysator beschadigen?
Ja. Onverbrande brandstof kan hem sterk oververhitten.
Is een verdwenen katalysatormelding een reparatie?
Nee. De fysieke werking is daarmee niet hersteld.

